Berichten uit Congo.
Donderdag 23 februari 2012 Normaal moest ik beginnen met "Djambo", wat in het Swahili "Goeiedag" betekent, omdat we vandaag normaal de verplaatsing naar Lubumbashi zouden maken.
Door een Congolees misverstand echter waren we echter tevergeefs om 4u30 opgestaan, want tijdens het inchecken bleek dat we foutieve tickets hadden... We zijn dan maar teruggekeerd naar Kinshasa en hebben hier een dag ad hoc gepland. Na 2 uur file richting centrum kwamen we dus (totaal onverwacht) terug aan in de Procure. Gelukkig zitten we in een flexibele groep die met dergelijk misverstand goed omsprong, waardoor de sfeer in de groep wel goed bleef. Je daar druk in maken heeft hier absoluut geen enkele zin, vandaar dat de humoristen in de groep al snel de omstandigheden begonnen te relativeren voor iedereen.
Het ontbijt konden we gelukkig toch nog op de Procure nemen, ondanks dat het personeel ons niet verwachtende was. Na het ontbijt trokken we richting een nabijgelegen marktje waar ze stoffen verkoopten voor tafellakens, kleedjes voor vrouwen, hemden voor mannen, ... Onderweg leven de mensen werkelijk op en tussen het vuilnis. De handshake is ook hier duidelijk populair en een plaatselijke verkoopster leert ons een nog uitgebreidere shake, tot hilariteit van alle omstaande verkopers.
Na het middagmaal bezoeken we het CVC (Corps Volontaires de CSC), waar we wat meer uitleg krijgen over hun coöperatieve werking gaande over samenaankoop van voedsel, medicijnen, enzovoort. Een boeiend gesprek volgt, maar ieder van ons voelt ook dat we al van 4u30 uit de veren zijn. Het lidgeld van deze coöperatieve wordt van het loon gehouden en bedraagt 2%, wanneer de vader/moeder is aangesloten, kan het hele gezin van de voordelen genieten.
Nadien bezoeken we nog de apotheek van deze coöperatieve, waar medicijnen goedkoper worden aangeboden aan leden dan in een gewone apotheek in Kinshasa.
Na het avondmaal met een plaatselijk orkestje die de groep wat meer in Afrikaanse sferen brengt, keren we terug, om de dag met een groepsbabbel af te sluiten. Deze dag was niet voorzien in het programma, maar viel al bij al goed mee en was zeker interessant. Hopelijk geraken we nu morgen wel in Lubumbashi, waar een vriendin van me (die hier 6 maand verblijft) op me wacht. Het wordt een heuglijk weerzien.
Nu snel onder het net en tegen 4u30 poging 2 richting Lubum aanvatten.
Woensdag 22 februari 2011 Mboté mamans et papas (want iedereen word hier aangesproken met "maman" of "papa"),
Onze voorlopig laatste dag in Kin (Kinshasa). Deze morgen bezochten we de marchée de Gambela in Kasa-Vubu (deelgemeente van Kin). 5000 mannen en vrouwen verkopen er dag in dag uit alles gaande van kledij tot voedsel, kruiden, schoenen, ... De CSC (plaatselijke vakbond) probeert om de verkopers te ondersteunen waar mogelijk en hen bij te staan. Van de 5000 verkopers zijn er 800 lid bij CSC. We worden er zeer hartelijk verwelkomd door de leden en maken onder hun begeleiding een kleine tocht door de markt. De mensen spreken ons aan en bieden ons van alles aan. Sommigen vragen me ook: "vous mangez beaucoup? Ici on a faim et on souffre". Ik probeer mijn medelijden even aan de kant te zetten, maar het zijn toch momenten die blijven hangen nadien. Die vragende ogen, de verschillende, doordringende geuren en de zeer onhygiënische toestanden.
Ik leer er wel de "Kin-handshake" (voor de kenners: een "middle-five" gevolgd door een vuist-tegen-vuistslagje) die ik later op de dag in de hele groep introduceer. Zelfs Stefaan, onze collega van OKRA die mee is, doet hier gewillig aan mee.
Na het bezoek aan de markt gaan we een hapje eten. Ik beslis om hier een lokale krant te kopen die handelt over de presidents- en parlementsverkiezingen, werkelijk een zeer interessante editie die handelt over de eerste samenkomst van het nieuwe parlement in haar voorlopige samenstelling.
Daarna gaan we naar de universiteit van Kinshasa, die werkelijk ver weg ligt van waar wij ons bevinden. Door verschillende files deden we er maarliefst twee uur over in van die kleine busjes... De humor van bepaalden in de groep maakt gelukkig veel goed en helpt ons ook om alles wat te relativeren. De sfeer zit dus meer dan goed!
Aan de universiteit hebben we een ontmoeting met studenten sociale wetenschappen in een gebouw dat door WS gebouwd is in een samenwerking tussen het HIVA (verbonden aan de KU Leuven) en de Chaire Dynamique Sociale (CDS). Professor Shomba verwelkomt ons zeer hartelijk en laat de studenten aan het woord over hun leer- en leefomstandigheden. Met 8 op een kamer die bij ons voor 1 persoon zou zijn, 200 Dollar inschrijvingsgeld per jaar, een gebrek aan georganiseerd en goedkoop openbaar vervoer, ... Kortom de democratisering van het hoger onderwijs is hier nog verre van gerealiseerd...
Op de vraag over hoe zij tegen de Congolese presidentsverkiezingen aankijken krijgen we zeer diverse antwoorden van enerzijds studenten en anderzijds professoren. Nadien wandelden we even rond op de campus met de Congolese studenten en probeerden op hun vragen over België te antwoorden. Ik kreeg het charmante en mooie gezelschap van Maggy en Ornella (een hele sterke en gedreven madam zo blijkt tijdens ons gesprek). Na onze ontmoeting met de JOC gisteren waar ik al dynamische en gedreven jongeren ontmoette die vooruit willen met de Congolese samenleving, stel ik dit hier ook vast bij de jongeren die waarschijnlijk deel zullen uitmaken van de toekomstige intellectuelen in Congo. Persoonlijk vind ik dit tussen alle miserie door wel een zeer hoopgevend signaal: de jongeren willen duidelijk de eigen toekomst in handen nemen!
Morgen wordt de groep voor vier dagen in twee gedeeld. Het ene deel gaat naar Kikwit, ikzelf zit in het andere deel die naar Lubumbashi trekt. Ik trek alvast richting bed, want binnen 5 uur (lees: 5 uur 's morgens moeten we al vertrekken).
Tot morgen!
Dinsdag 21 februari
Mboté!
Na ons ontbijt staan we om 8u30 paraat om in twee groepen op de busjes te stappen. De ene groep trekt naar de vakbond (CSC) en de vrouwenbeweginng (AFC) in Kinshasa. Ikzelf in groep 2 ging op bezoek bij de mutualiteit (UMUSAC) en de KAJ (JOC). In de voormiddag bezoeken we het bureau van de mutualiteit en een project waarbij de lokale vrouwen rijst kweken. Het ging om 1500 rijstkwekers. We moesten hiervoor een heel stuk te voet tussen de krotten, het afval ligt werkelijk overal en de mensen zitten er een beetje gedemotiveerd bij. Toch merken we tijdens het gesprek dat de lokale vrouwen die de veldjes bewerken bij warme omstandigheden. We bezoeken daarna het magazzijn waar ze de rijst ontpellen... We worden er hartelijk verwelkomd door madame Rosalie en haar mensen. Na een korte voorstelling trekken we verder naar een project van de JOC in Mansina, waar ze jonnge meisjes opleiden tot naaisters. Na 6 maanden worden de meisjes terug de straat gestuurd, sommigen kunnen terecht in het atelier, maar de meeste belanden terug op straat omdat er geen machines genoeg voorhanden zijn in Congo (zegt men ons).
Onderweg maken we de meest hallucinante dingen mee, zoals een spoorovergang die we oversteken met een verhoog van 40 cm... Gevolg: we blijven steken met het busjje. Gelukkige helpen enkele behulpzame Congolezen ons verder. De toestanden die we zienn langs de kant van de weg zijn nog erger dan ik ooit op tv en op foto zag. De mesenn leven hier in krotten of barakkken en tochh zijn ze allemaal heel vriendelijk tegen ons. Ze zijn gelukkkig met veel minder dan ons. Wanneer de elektriciteit bijvoorbeeld uitvalt, is er niemand die zich zorgen maakt "c'est la vie". Na een snelle hap gaan we verder richting Bumbu waar we door de mensen van de JOC worden verwelkomd. Het doorzettingsvermorgen van deze jongeren wekt bij mij echt bewondering op wanneer ik zie in welke omstandigheden zij jongeren vormen om te kunnen werken en functioneren in de maatschappij. De burgemeester van Bumbu was ook aanwezig. De jongeren willen duidelijk vooruitgaan en proberen dit te doen vanuit een werking vertrekkende van de basis van de maatschappij. Ik leer Daniel, nationaal voorzitter JOC, dat we dit bij ons in Europa "Bottom-up" noemen.
Na het avvondmaal sluiten we nog af met een pintje (72cl) in groep.
Bayo!
Joachim
Maandag 20 februari Bonjour Congo: “Mijn eerste keer Afrika”
Van zondag 19 februari tem zaterdag 3 maart trek ik met Wereldsolidariteit (WS) op inleefreis door Congo (Kinshasa en Lubumbashi). Via dit weekboek kunnen jullie mijn eerste week wat meevolgen. Veel leesplezier.
Joachim
Zondag 19 februari: Vertrek!
00u30: Ik word na anderhalf uur slaap al een eerste keer wakker, het wordt duidelijk niet mijn makkelijkste nacht. Op mijn gsm zie ik nog een smsje van mijn nicht om me een goede reis te wensen. Een tweede smsje komt juist binnen van mijn goeie vriend Tom: “Afscheidspintje in Paljas?” (sfeercafé in Ieper). Jammergenoeg moet ik passen wegens te vroeg opstaan. Al gauw kan ik de slaap terug vatten.
3u45: Opnieuw word ik wakker, ik weet dat ik over een groot uur moet opstaan en kan de slaap niet meer vatten. De dag van het vertrek is eindelijk aangebroken. Om 5u sta ik op en begin ik me klaar te maken. Tegen 6u sta ik bij mijn reisgezel Danny aan de deur in Geluveld vanwaar we vertrekken richting Zaventem. Vader voert ons gelukkig op dit vroege uur, want ik ben duidelijk nog niet helemaal fris.
7u30: Als eersten van de groep komen we aan in Zaventem, we ontmoeten de rest om 8u aan de “Starbuck’s”, waar anders? Daarna nemen we afscheid van familie en vrienden en doorlopen we de standaardprocedures richting vliegtuig.
Tegen 9u45 start de boardingprocedure van onze Airbus richting Kinshasa met tussenstop in Luanda (Angola).
11u15: Met een halfuur vertraging (wegens start krokusvakantie) stijgen we op. We worden verwelkomd met de melding dat we een vliegtijd van 8u20min zullen hebben richting Luanda. Als je weet dat het mijn eerste vlucht ooit buiten de EU is, waar ik maximum 3u gevlogen heb per vlucht, dan begrijp je waarschijnlijk wel dat dit voor mij even slikken was… Een verschil met die Europese vluchten is toch de goede en veelvuldige bediening door het kabinepersoneel. Het middagmaal was een lekker stoofpotje met rijst of een pangasiusfilet met broccolipuree. Tussendoor kregen we ook nog een frisco en op tijd en stond ook iets om te drinken.
Een groot deel van de groep volgde tussendoor op het televisieschermm de film van Kuifje, met Nederlandstalige stemmen, wat ik pas na een half uur doorhad aangezien ik nog op het Engelstalige “kanaal” zat te luisteren…De vlucht verliep goed, al was er even sprake van turbulentie, sommigen dachten al dat we in de finale van Parijs-Roubaix zaten, maar al bij al viel het goed mee.
19u30: aankomst Luanda. Ook hier file op de luchthaven, waardoor we een half uur vertraging oplopen. Ondertussen werd ons vliegtuig wel helemaal gekuist door de Angolese kuisploeg, waardoor we rond 21u10 met een propere Airbus richting Kinshasa konden vertrekken. Als avondmaal kregen we een pizzawrap en een broodje kaas.
Om 22u10 was het eindelijk zover, het vliegtuig zette wiel aan de grond op de luchthaven van N’Djili (Kinshasa). Bij het uitstappen viel de warmte (32 graden) op ons. We kregen smsjes van het thuisfront waarin er gesproken werd van sneeuw en vriestemperaturen. Met een busje werden we naar het douanegebouw gebracht waar we een eerste keer kennis konden maken met het Afrikaanse (werk)ritme… Na een half uurtje kwamen we eindelijk door de douane heen. De douanebeambten zaten er werkelijk nog in van die oude houten bureautjes op een verhoogje zoals alleen de leerkrachten vroeger bij ons hadden.
Eens mijn medische kaart gecontroleerd door een vrouw in een witte schort (ik twijfel of ik hier wel de titel “dokter” mag aan toekennen), mocht ik de valiezenhal binnenstappen. We kwamen terecht in een drukte waarin er maar weinig van onze valiezen tevoorschijn kwamen. Na een half uurtje waren de eerste valiezen in aantocht. De mijne was een risico want ze was niet helemaal dicht op de zijkant, maar was toch volledig aangekomen met alles nog heel erin!
Al snel vonden we onze chauffeurs door een bordje met het opschrift “MOCC-WSM”. Na een bijna ongeval met het valiezenkarretje werd ik direct geholpen door een sympathieke “drager” ondanks dat ik eigenlijk geen hulp nodig had. Toen de man me om geld vroeg, snauwden onze Congolese begeleiders hem toe en zette hij het al snel op een lopen.
Om 23u konden we eindelijk vertrekken naar de Procure Sainte Anne waar we verblijven. Na een rit via een weg (eigenlijk meer een werf met diepe putten) kwamen we daar rond middernacht aan. Onderweg zagen we voor het eerst overladen vrachtwagens waar ook nog eens mensen bovenop zitten, soms in hallucinante toestanden. We zagen ook al verschillende krottenwijken en merkten op dat er nog heel wat bedrijvigheid was langs de weg ondanks het late uur. Onze chauffeur is duidelijk een habitué, hij ontwijkt handig alle putten (zelfs al moet hij hier voor van helemaal links naar helemaal rechts en terug) en ook alle overstekende mensen en andere auto’s die raar uitwijkgedrag vertonen ontwijkt hij subliem (waarvoor dank!).
Bij het binnenrijden van Kinshasa kwamen we gelukkige wel op een mooi aangelegde viervaksweg terecht. Tot hier hadden de Chinezen duidelijk wel nog geïnvesteerd, maar voor de rest van de weg naar de luchthaven mankeerde het hen aan geld. Na twee welkomstpintjes (wat we niet wisten bij de eerste is dat het om pintjes van 72cl ging) is het bedtijd. In de kamers hier op de Procure is er duidelijk wel wat meer luxe dan men ons verteld had. We hebben een airco, een eigen toilet en een eigen douche. Onze twee bedden zijn zelfs voorzien van een muskietennet. Het overdekt terras zal ik morgen verkennen.
Maandag 20 februari: Kennismaking met MOCC
7u: Ik word na 5 uurtjes slaap wakker van Danny die juist is opgestaan. Ik kruip van onder mijn muskietennet en besluit het terras eens op te zoeken. Het zich van op onze terras is iets ongelofelijks: we hebben er zicht op de spoorlijn, zonder treinen, ook zicht op de haven waar er een aantal containers klaarstaan en ook hout klaarligt om te verschepen. Iets verder hebben we zicht op “Fleuve” (Congostroom), waarin we al een eerste hoopje afval zien voorbijdrijven…
7u30: Als ontbijt neem ik een boterham met choco en wat slappe Congolese koffie. De boterham zou in België al snel versleten worden voor brood van drie dagen oud, maar hier malen we er niet om en eten we wat we voorgeschoteld krijgen.
Tegen 8u30 is er een laatste repetitie van ons Congolied “Solidarité Mondial” op het terras van onze Procure. De Congolezen komen al benieuwd op ons af om te zien wie we zijn en wat we komen doen. Ons lied valt duidelijk in de smaak.
9u: Vertrek naar het hoofdkantoor van de Mouveent Ouvrier Chrétienne du Congo (MOCC). Dit is de koepelorganisatie van alle Congolese werknemersorganisaties. Onderweg neemt de chauffeur zijn gewoontes van gisterenavond weer op, maar hij weet duidelijk wat hij doet en we hebben er vertrouwen in. Onderweg zien we allerlei handeltjes op straat, gaande van stopcontactverkopers, frisdrankverkopers, telefoonkaartverkopers tot eierverkopers, …
Aangekomen in het kantoor van de MOCC worden we welkom geheten door Philippe Mosango (Président du MOCC) in zijn bureau. Hij stelt voor om ons mee te nemen naar hun zaal wat verderop waar ze vormingen enzo laten doorgaan. Hiervoor moeten we 5 minuten wandelen langs de straat. Onderweg krijg ik het gevoel sterk bekeken te worden door de Congolezen. Mensen roepen ons dingen toe vanuit auto’s, alleen begrijpen we niet wat ze ons toeroepen. De weg zelf is van asfalt, maar het voetpad is in zand. Aangekomen in het zaaltje merken we dat dit mooi gekoeld is. Ideaal voor zo’n voormiddag. Philippe stelt ons de verschillende medewerkers en de geschiedenis van het MOCC voor.
Tijdens de pauze geraak ik aan de babbel met Gerard Mayo van de Congolese mutualiteit UMUSAC. Hij vertelt me dat de werking in Kinshasa pas vorig jaar werd opgestart en ze momenteel al 2000 leden tellen. De bijdrage bedraagt 1000 Congolese frank (iets minder dan 1 euro) per persoon per maand. Op de vraag of dit veel is voor een doorsnee Congolees kreeg ik geen duidelijk antwoord van Gerard. Hij vertelt me dat er een weerstand is vanuit de bevolking: enerzijds omdat er in het verleden een paar paljassen zo zijn weggelopen met geld en anderzijds omdat de mensen niet inzien waarvoor ze 1000 frank moeten betalen die ze misschien niet allemaal zelf zullen kunnen recupereren. Hier moet solidariteit nog uitgebouwd worden, terwijl we het in België ondanks alle goeds toch durven in vraag stellen…
Het middagmaal nuttigden we terug in de Procure, na een leuke (lees: typische Congolese) terugrit. Kip met rijst smaakte best wel goed. In de namiddag werd de groep in twee verdeeld. De ene groep ging naar het Hôpital Générale, de andere (waar ik zelf toe behoorde) naar “une école”. In de school, die vroeger “La Poubelle” werd genoemd, werden we hartelijk verwelkomd door de directrices van de kleuterschool, de lagere school en de secundaire school. We moesten er plaats nemen naast een Congolese, lokale schone. Berlinda was mijn lotgenote voor deze namiddag. We praatten wat over het onderwijs in Congo en België.
Na de gebruikelijke speeches waarin duidelijk werd dat ze veel tekort hebben en ze vaak herhaalden dat de overheid hen in de steek laat en ze rekenen op buitenlandse/prive-investeerders. Computers waren hier absoluut ondenkbaar! Op 2 na voor een middelbare school van 600 leerlingen. De ontmoeting met de kinderen was heel hartelijk en soms best wel emotioneel. De balpennen die ik van de Provincie West-Vlaanderen meehad, werden onder de drie scholen verdeeld. Ieder bezoek werd uitgewuifd met de groet: “Mbotanik alamalan” (zou moeten betekenen: “Een hartelijk tot weerziens”.) Ik kon dit echter moeilijk uitspreken en beperkte mij tot het gebruikelijke Mbayo! (Bye!). Ik werd er maar (!) 2 keer ten huwelijk gevraagd.
Terug in de Procure nuttigden we het avondmaal en werd het tijd om alles neer te schrijven.
Mbayo! En tot morgen!